26-08-13

Scutellaria incana nog te zelden in de tuin.

 

Sommige planten doen er heel lang over vooraleer de tuinliefhebber ze ontdekt.  Scutellaria incana (Glidkruid) is er zo eentje.  Nochtans heeft deze vaste plant heel wat troeven om daaraan te ontsnappen.

 

 

 

 

S. incana behoort tot de familie van de Lamiaceae (Lipbloemigen).  Van de meer dan 200 soorten heeft alleen incana soort een plaatsje veroverd in een beperkt aantal kwekerijen.  Nochtans staat deze plant, afkomstig uit het midden en zuidoosten van Noord-Amerika, heel goed in een vaste planten border.  De enige voorwaarde is dat de grond daar vochthoudend, kalk- en humusrijk moet zijn.  Dit mag in de zon of halfschaduw.  De winterhardheid is geen probleem.  De plant laat zich heel goed combineren met Anemona Honorine Jobert, Campanula, Echinacea, Penstomon, Persicaria, Platycodon en rozen.  

 

Het glidkruid bloeit in de periode augustus-september met zachtblauwe bloemen.  Deze staan in vertakte schijnaren en zoals bij de meest lipbloemigen heeft de plant buisvormige bloemen met een duidelijke boven- en onderlip.  Bij het uitlopen van de bloemen zijn deze zilverachtig en behaard.  De witte meeldraden steken scherp af tegen de lichtblauwe kelkbladeren.  Indien je de uitgebloeide bloemstengels wegknipt zal de plant een tweede maal, minder intens, bloeien.  De plant wordt, afhankelijk van de bodem, van 60 cm tot 120 cm en bereikt een breedte van zo wat 50 cm.

 

Scutellaria incana groeit met ondergrondse wortelstokken.  Daarop groeien de stengels met grijsgroene, gezaagde ovale bladeren.  De bladeren zijn zes tot acht cm lang.  Zoals de meeste vaste planten kun je in het najaar gemakkelijk vermeerderen via scheuren.  In de zomer kun je stekken nemen van jonge scheuten.  Plant deze in goed doorlatende grond en dekt af met een plastic om het inwortelen te bevorderen.