13-03-08

Boerenpioen: waar grootvader fier op was!

Grootvaders tuin was een oorlogstuin.  Er was daarin maar weinig plaats voor bloemen.  De groentetuin was levensbelangrijk.  Bij iedere bijeenkomst van de familie was er sowieso een wandeling langs de aardappelen, salade, prei, wortelen, … gepland.  De kaarsrechte lijnen, het stevige groen, … konden me als kind maar matig boeien.  Ik vond het vreemd dat al die grote mensen alleen aandacht hadden voor dat groen en niet voor die kleurrijke tagetes (stinkertjes) en goudsbloemen die er her en der tussen stonden.  Ik had net geleerd over kleurenblindheid en begon te vrezen dat deze afwijking fors toegeslagen had in onze familie.

Geen bloemen was toch wel fout want op het einde van de groentetuin begon de fruitweide.  Beide waren van mekaar gescheiden door een grasweg met langs de ene zijde een rij met een tiental stekelbessen struiken en aan de andere zijde een tiental rode en zwarte bessen.  En het was nu net op de kop van deze rijen dat er prachtige rode bloemen pronkten: pioenen. Mijn grootmoeder had me hun naam geleerd.  Ik mocht er steeds enkele gaan afsnijden voor in de vaas voor dat ze aan het verwelken gingen.

Toen ik jaren later mijn eigen tuintje had gaf ik grootvaders pioenen er een ereplaats.  Ze bloeiden maar veel minder en de bloemen waren veel kleiner dan bij hem.  Was de grootte van de bloemen nostalgie, werkelijkheid of had hij een bijzondere verzorgingstechniek.  Het hem vragen kon ik niet meer.  Maar als ik in gedachten terugging ontdekte ik een aantal belangrijke regels omtrent standplaats en bemesting. 

Op de plaats waar ze stonden had voorheen een schuurtje gestaan.  Bovengronds was alles afgebroken maar ondergronds zat nog heel wat aan bouwresten.  Waar ze stonden waren ze heer en meester.  De buren waren geen belagers en lieten de vlezige wortels hun lustige gang gaan.  Ze kregen net als de naburige bessenstruiken in het najaar een donsdeken van verteerde stalmest.  In  het vroege voorjaar lagen ze dan samen onder een wit kalktapijtje.  Hoe lang ze precies op diezelfde plaats stonden weet ik niet.  Wat ik weet is dat ze er zeker dertig jaar gestaan hebben in de volle zon van ’s morgens tot ’s avonds.  De bessenstruiken en aanpalende fruitweide beschermden hen tegen weer en vooral wind.   

 
Samengevat de vuistregels om prachtige pioenen te hebben: 

1.      Plant ze in goed doorlatende grond.  Indien zware grond vermeng dan met zand of steengruis.  Pioenen haten nattigheid en kunnen trouwens zeer goed tegen droogte.

2.      Plant je pioenen niet te diep.  De groeiknoppen mogen hoogstens met een 4-tal cm aarde bedekt zijn.  Indien je weinig of geen bloemen hebt is dit dikwijls te wijten aan te diep gepland.

3.      Verplant je pioenen uiterst zelden, ze houden er niet van.  Ze kunnen gerust tot 50 jaar op dezelfde plaats blijven staan mits de nodige bemesting.  Na aankoop kan de bloei de eerste jaren wat tegen vallen.  De plant vraagt wat tijd om zich te settelen.

4.      Kies een plaats in de zon.  Pioenen vragen minstens 5 uur zon (licht) per dag.

5.      Plant geen grondbedekkers op hun wortels.

6.      Pioenen kunnen zowel als solitaire plant als in de border.  Laat ze in het laatste geval wel voldoende ruimte.

7.      Zorg voor bescherming tegen wind en dit om te beletten dat de bloemen afbreken. 

8.      Zorg voor een humusrijke bodem en voldoende kalk.  Geef in het voorjaar verteerde stalmest of organische mest uit het tuincentrum.  In het najaar is een handvol beendermeel heilzaam.  Indien je gebruik maakt van kunstmest is de samenstelling NPK 12+10+18 aan te raden.

 

Tijden veranderen  

Sedert een aantal jaren zijn de pioenen aan een revival begonnen.  Een aantal kwekers hebben er hun specialiteit van gemaakt.  Heel wat nieuwe variëteiten bereiken de plantenliefhebbers.  

 

Er zijn twee grote groepen namelijk de boom- en de kruidachtige pioenen.

 

De boompioenen zijn laagblijvende struiken.  Van oorsprong komen ze uit China en Japan.  Paeonia Rockii, met witte bloem waarop een donkerpaarse vlek, is de meest voorkomende.

Paeonia Rockii

De kruidachtige pioenen zijn vaste planten m.a.w. ze sterven ieder jaar bovengronds af en komen in het voorjaar terug.  Grootvaders boerenpioen behoort tot deze groep.  Paeonia Lactiflora of Chinese pioen is de bekendste wilde soort in deze groep.  Ze leverde bekende cultivars als: Sarah Bernhardt, Karl Rosenfield, Duchesse de Nemours.  Door kruisingen ontstonden een aantal hybriden met andere kleuren en /of bloeivormen zoals Red Charm (dubbelbloemig donkerrood) en Flame (enkelbloemig roos).

Sarah Bernhardt

Kruisingen tussen de boompioen en de kruidachtige noemt men de itoh-hybriden naar de veredelaar Toichi Itoh.  De bekendste is Yellow Crown.  Deze kruisingen zijn heel beperkt verkrijgbaar en hierdoor redelijk duur.

 Tijden veranderen maar de vuistregels om prachtige pioenen te bezitten zijn gebleven. 

10:15 Gepost door jos in Tuinartikels Pajottenland | Permalink | Commentaren (0) | Tags: boerenpioen |  Facebook |